De Lamborghini Diablo is de auto waarbij je als kind een poster aan de muur hing en als volwassene beseft dat de poster geen leugen was. De Lamborghini Diablo is een tweezits supersportwagen die Lamborghini in 1990 introduceerde als opvolger van de Countach. Zijn naam betekent duivel in het Spaans — een verwijzing naar een legendarische stier uit de negentiende eeuw. Toepasselijk voor een auto die tien jaar lang de meest extreme straatauto ter wereld was en er ook nog eens uitzag alsof hij dat wist.
Hoe de Lamborghini Diablo ontstond
De ontwikkeling begon in 1985, onder leiding van chief engineer Giulio Alfieri. Het ontwerp werd toevertrouwd aan Marcello Gandini — dezelfde man die de Miura en de Countach had getekend. Gandini leverde een radicaal ontwerp. Chrysler, dat Lamborghini op dat moment bezat, vond het te radicaal en liet het afzwakken. Gandini was woedend. Het resultaat was desondanks zo indrukwekkend dat niemand echt kon klagen — behalve Gandini zelf, die zijn oorspronkelijke ontwerp later verkocht aan Cizeta-Moroder als de Cizeta V16T. Twee auto's uit één tekening. Niet slecht.
Wat de Lamborghini Diablo bijzonder maakt
De Diablo werd geleverd met een 5,7-liter V12 van 492 pk — genoeg voor een topsnelheid van 325 km/h en een 0-100 van 4,5 seconden. In 1990 waren dat cijfers die geen concurrent kon evenaren. De latere VT-versie introduceerde vierwielaandrijving. De SV kreeg meer vermogen. De GT haalde 575 pk en woog minder dan 1.100 kilo. Elke nieuwe variant was extremer dan zijn voorganger — Lamborghini begreep dat de Diablo nooit klaar was.
De Lamborghini Diablo in cijfers
Gebouwd van 1990 tot 2001. Totale productie: circa 2.900 exemplaren in alle varianten. Originele verkoopprijs in 1990: omgerekend circa 240.000 euro. Huidige marktwaarde voor een goed exemplaar: tussen de 200.000 en 400.000 euro — met uitschieters voor de GT en de SE30 Jota richting het dubbele.
Interessante weetjes over de Lamborghini Diablo
- De Diablo was de eerste Lamborghini met een topsnelheid boven de 325 km/h — en de eerste die dit officieel kon bewijzen op de Nardò-testbaan. Lamborghini liet het meten. Het klopte.
- In 1993 kocht Ayrton Senna een Diablo SE30 — een speciale editie ter ere van het dertigjarig bestaan van Lamborghini. Hij betaalde de volledige prijs. Geen korting, geen sponsordeal. Hij wilde hem gewoon hebben.
- De Diablo GT uit 1999 had geen airconditioning als standaard. Het gewicht dat de airco zou toevoegen was belangrijker dan het comfort. Italianen in een Italiaanse auto in een Italiaanse zomer. Logistiek een uitdaging.
- De naam Diablo werd beschermd door Lamborghini — maar het merk verloor een rechtszaak in Spanje aan een lokale autofabrikant die de naam al eerder had geregistreerd. Lamborghini verkocht de Diablo in Spanje jarenlang onder een andere naam. Welke naam? Dat varieert per bron. De Spanjaarden houden het voor zich.
Wat AutoInsider vindt van de Lamborghini Diablo
De Diablo is de auto van de jaren negentig. Niet de beste auto van de jaren negentig — de McLaren F1 was sneller en verfijnder. Maar de Diablo was het symbool. De poster. De droom die op slaapkamermuren hing van Rotterdam tot Tokio.
Een autoliefhebber waardeert de Diablo om zijn ongepolijstheid. Hij is geen verfijnde machine zoals een Ferrari van dezelfde periode. Hij is ruw, direct en licht intimiderend — de bediening is zwaar, het zicht naar achteren is dramatisch slecht en de warmte in de cabine op een zomerse dag grenst aan onmenselijk. Maar dat is ook precies wat hem bijzonder maakt. De Diablo vraagt iets van zijn bestuurder. Hij geeft pas als je geeft.
Wat vind jij hiervan? Laat het weten in de comments en praat mee (maar hou het een beetje fatsoenlijk allemaal).
In het kort — Lamborghini Diablo
Definitie
De V12-supersportwagen die tien jaar lang de meest extreme straatauto ter wereld was — en op elke slaapkamermuur van de jaren negentig hing.
Gebouwd
1990–2001, circa 2.900 exemplaren.
Vanafprijs destijds
Circa €240.000 — nu tussen €200.000 en €400.000 voor een goed exemplaar.
Wat je echt moet weten
De Diablo is ruw, heet en licht intimiderend — en dat is geen gebrek, maar zijn karakter.