Weet je nog dat elke fabrikant zwoer dat de benzinemotor uiterlijk gisteren dood was? Porsche kijkt nog eens goed naar de agenda. Porsche zet zijn elektrische ambities in de koelkast en plant tot 2028 drie nieuwe benzine-Suv's, waaronder een opvolger van de Macan met verbrandingsmotor en een fors uitgevallen Cayenne-variant.
Dat is opmerkelijk voor een merk dat eerder stellig beweerde dat 80 procent van zijn verkoop in 2030 volledig elektrisch zou zijn.
Die 80 procent klonk als een belofte in beton. Nu blijkt het meer een suggestie in natte klei.
Het is een verhaal dat je vaker ziet in de auto-industrie: eerst hard roepen dat de toekomst elektrisch is, dan stilletjes de benzinepomp weer aansluiten zodra de klant niet meebeweegt.
Porsche is niet de eerste die deze bocht neemt, en zeker niet de laatste.
Concreet komen er dus drie nieuwe benzine-Suv's aan tot 2028.
Eén daarvan vervangt de huidige Macan, uitgerekend het model dat Porsche eerder juist naar volledig elektrisch had geduwd.
Daarnaast werkt Porsche aan een nieuwe Cayenne-variant en aan een grotere Suv die boven het huidige aanbod gaat staan.
Prijzen en exacte introductiedata heeft Porsche nog niet naar buiten gebracht, maar de richting is helder: benzine blijft voorlopig gewoon in het schap liggen.
Wat vind jij van een merk dat zijn elektrische beloftes zo openlijk bijstelt: gezond realisme of een pijnlijke knieval voor de markt?
Waarom stapt Porsche af van zijn 80 procent Ev-doel?
De kern is simpel: de vraag naar elektrische Porsches loopt kennelijk niet zoals gehoopt, en drie nieuwe benzine-Suv's zijn een verzekeringspolis tegen leegstaande showrooms.
Het merk had ambitie voor 80 procent elektrische verkoop in 2030, maar zet die stip aan de horizon nu een flink stuk verder weg.
Dat is geen kleine bijstelling in de kantlijn. Dat is een merk dat publiekelijk toegeeft dat het te hard van stapel liep.
En eerlijk is eerlijk: liever een fabrikant die zijn plan aanpast dan eentje die blijft doorduwen terwijl de klant wegloopt.
Want daar zit de pijn. Een elektrische Macan is technisch een prima auto, maar een groot deel van de Porsche-koper wil kennelijk nog steeds een benzinemotor die herrie maakt.
Dat is precies de car culture waar Porsche groot mee is geworden, en die laat zich niet zomaar wegpoetsen met een stille elektromotor.
Porsche kiest er nu voor om beide werelden open te houden, en dat is strategisch slimmer dan het klinkt.
Je verliest geen klant aan de concurrent omdat je alleen nog stekkers verkoopt.
Doet Porsche hetzelfde spel als Volvo?
Deze move van Porsche past in een breder patroon, en Volvo is het schoolvoorbeeld.
Volvo profileert zich al jaren nadrukkelijk als elektrisch merk, terwijl het in de praktijk gewoon leunt op benzineauto's om de omzet op peil te houden.
De verkoopcijfers van Volvo spreken de eigen groene ambities botweg tegen: de brochure is elektrisch, de kassa draait op benzine.
Porsche doet nu iets vergelijkbaars, alleen dan met open vizier.
In plaats van te blijven doen alsof de elektrische toekomst al is aangebroken, plakt Porsche er gewoon drie nieuwe benzine-Suv's naast tot 2028.
Je kunt dat cynisch noemen. Je kunt het ook eerlijk noemen.
Het verschil met Volvo is namelijk dat Porsche zijn officiële doel bijstelt in plaats van het stilletjes te negeren.
Dat maakt de boodschap wat minder hypocriet, ook al blijft het gevoel hangen dat al die stellige elektrische beloftes van een paar jaar geleden vooral bedoeld waren voor de bühne.
Wat betekenen die benzine-Suv's voor de koper?
Voor jou als koper is het simpel goed nieuws: meer keuze en langer toegang tot de benzinemotor die je misschien gewoon wilt.
De opvolger van de Macan op benzine, een nieuwe Cayenne-variant en een grotere Suv geven Porsche een breder net om verschillende portemonnees en voorkeuren op te vangen.
Voor de zakelijke rijder die twijfelt over laadinfrastructuur is dat een geruststelling.
Voor de liefhebber die vreesde voor een uitsluitend elektrisch Porsche-gamma is het ronduit opluchting.
De grote vraag blijft of Porsche deze koers volhoudt of over twee jaar weer een nieuwe stip verzint.
In de auto-industrie is een strategie namelijk zelden in beton gegoten. Meestal is het natte klei die nog vormbaar is zolang de cijfers dat vragen.
Voorlopig kiest Porsche voor zekerheid. En dat is misschien wel de meest eerlijke keuze die een premiummerk dit jaar heeft gemaakt.