Eén ononderbroken shot, dwars door een slapend Parijs, met een camera op de bumper en een regisseur achter het stuur die naar eigen zeggen "iets totaal immoreels" deed. Bijna een halve eeuw later is de mythe nog altijd niet uitgewerkt.
Er zijn autofilms met grotere budgetten, beroemdere sterren en spectaculairdere stunts. Maar er is nauwelijks een film die zo lang zo veel vragen opriep als een Frans kortfilmpje van nog geen negen minuten uit 1976. C'était un Rendez-vous, "Het was een afspraakje", is in wezen niets meer dan een auto die in één ruk door Parijs jaagt. En juist die eenvoud maakte het onsterfelijk.
Regisseur Claude Lelouch, toen al bekroond voor Un homme et une femme, monteerde een camera op de voorbumper van een auto en reed op een vroege augustusochtend, rond half zes, door het hart van de stad. Van de Porte Dauphine op de Périphérique tot de trappen van de Sacré-Cœur op Montmartre. Geen dialoog, geen montage, geen straatafzetting. Alleen het geluid van een gierende motor, schakelende versnellingen en piepende banden.
De route: tien kilometer, geen enkele stop
Het traject meet ruim 10,5 kilometer en voert langs zowat elk Parijs' monument dat ertoe doet: de Arc de Triomphe, de Champs-Élysées, de Place de la Concorde met zijn obelisk, het Louvre, de Opéra Garnier. De auto stopt geen enkele keer. Voetgangers worden ontweken, duiven stuiven uiteen, eenrichtingsstraten worden tegen de rijrichting in genomen, en om een vuilniswagen te ontwijken belandt de auto zelfs even op de stoep.
En dan de rode lichten. Achttien stuks, allemaal genegeerd. Dat was geen filmtruc: de openingstekst waarschuwt dat er niets versneld of gemonteerd is, en latere analyses bevestigen dat. De gemiddelde snelheid over de hele rit komt uit op zo'n 80 km/u, maar dat is een gemiddelde, met stukken waar de teller richting 140 km/u ging.
Het grote mysterie: welke auto, welke bestuurder?
Hier begint de legende pas echt. Jarenlang wist niemand precies hoe de film was gemaakt. De geruchten tuimelden over elkaar heen: zat er een Formule 1-coureur achter het stuur? Een taxichauffeur? Werd er gereden in de
Ferrari 275 GTB waarvan het geluid zo overduidelijk klinkt? Namen als Jacques Laffite en Jacky Ickx werden genoemd, en zelfs Mario Andretti passeerde de revue.
De waarheid, die Lelouch pas veel later prijsgaf, is prozaïscher én mooier. Hij reed zelf. En de auto was niet de Ferrari, maar zijn eigen Mercedes-Benz 450 SEL 6.9, gekozen om zijn soepele onderstel, dat de op de bumper gemonteerde camera een vloeiend beeld gaf. De grote V8 was alleen niet bepaald muzikaal. Dus nam Lelouch de soundtrack achteraf opnieuw op met zijn Ferrari 275 GTB eroverheen: de gillende V12 en het scherpe terugschakelen dat de film zijn adrenaline geeft.
Zonder dat Ferrari-geluid was Rendez-vous waarschijnlijk nooit een cultklassieker geworden. De beelden zijn een Mercedes; de ziel is een Ferrari.
Lelouch beweerde in een latere "making of" dat hij op de lange rechte van de Avenue Foch de 200 km/u aantikte, "normalement", zei hij lachend. Onafhankelijke berekeningen op basis van de beelden komen niet verder dan zo'n 140 km/u, maar dat maakt de prestatie er niet minder roekeloos op.
De walkietalkie die uitviel
Er was welgeteld één vangnet. Lelouch had een assistent met een walkietalkie bij de uitgang van het Louvre gepost, die moest waarschuwen voor verkeer of voetgangers. Wat Lelouch niet wist: het apparaat viel uit. Hij schoot dus blind de tunnel uit, zonder enige informatie over wat hem aan de andere kant wachtte. Dat er niemand gewond raakte, grenst aan het wonder, Lelouch zelf noemde zijn aanpak achteraf "totaal immoreel".
Het verhaal over de arrestatie is deels waar, deels aangedikt. Lelouch werd na de eerste vertoning inderdaad opgepakt en een politiechef nam zijn rijbewijs in. Maar volgens Lelouch gaf diezelfde chef het meteen weer terug, met de opmerking dat zijn kinderen de film prachtig vonden. Aan de autoriteiten had Lelouch aanvankelijk beweerd dat een F1-coureur had gereden, het mysterie was dus deels zijn eigen constructie.
Een halve eeuw aan navolging
De invloed van die acht minuten reikt tot ver in onze tijd. Jeremy Clarkson kroonde de film ooit tot onbetwiste koning van de achtervolgingsfilm, Bullitt, Ronin en The French Connection kwamen er volgens hem niet aan. In 2009 maakte Jay Leno een knipoog met een Mercedes SLS AMG door de heuvels van Los Angeles. Ford bracht in 2017 samen met Lelouch een 360-graden-remake uit met een Mustang.
En er is een directe Zweedse erfgenaam: de underground straatracereeks Getaway in Stockholm, waarin een anonieme bestuurder in dezelfde geest door zijn stad joeg. De lijn van Lelouch naar de dashcam- en onboard-cultuur van vandaag is recht en onmiskenbaar.
Le Grand Rendez-vous: de cirkel rond
In 2020 sloot Lelouch de cirkel. Met steun van Scuderia Ferrari maakte hij Le Grand Rendez-vous, ditmaal niet in Parijs maar in Monaco, met Charles Leclerc achter het stuur van een Ferrari SF90 Stradale en prins Albert II als passagier. De opnames vonden plaats op 24 mei, de dag waarop de door de pandemie afgelaste Grand Prix van Monaco had moeten plaatsvinden.
Waar het origineel ontstond uit roekeloosheid, een restje filmrol en een regisseur die iets verbodens wilde vastleggen, was de hommage een productie met zeventien man, meerdere camera's en een monteursploeg uit Maranello. Netjes, veilig, en geven de meeste kijkers toe, precies daarom minder betoverend dan het origineel.
Waarom het blijft
Wat C'était un Rendez-vous zo tijdloos maakt, is niet de snelheid en niet de auto. Het is de zuiverheid. Eén camera, één rit, één kans, en een regisseur die achteraf de "cinemagoden" bedankte dat het in één take lukte. Je ziet de auto nooit; je zit erin. Je hoort geen verhaal; je voelt de urgentie van iemand die te laat is voor een afspraakje en er alles voor overheeft.
Het is, zoals iemand het ooit treffend noemde, het platonische ideaal van het joyriden. En bijna vijftig jaar later stappen we nog altijd graag in.