Er komt een dag dat je bij de Volkswagen-dealer binnenloopt en gewoon niks meer kunt kiezen. Die dag is dichterbij dan je denkt. Volkswagen Group wil zijn modellenaanbod met ongeveer vijftig procent inkrimpen. Dat is geen kaasschaaf, dat is een botte bijl. De reden: instortende marktaandelen in China, hoge productiekosten in Duitsland en importheffingen die de winstmarges platwalsen.
Het gaat niet om één merk. Volgens de berichten liggen modellen bij Audi, Porsche, Skoda en Cupra op de tocht. Namen die concreet vallen: de Audi Q5 Sportback, de Porsche Taycan en de Skoda Fabia. Vooral die laatste doet pijn, want de Fabia is precies het soort betaalbare auto waar de gewone automobiliteit op draait. Maar goedkope auto's leveren nu eenmaal weinig marge op, en marge is momenteel het enige woord dat in Wolfsburg nog telt.
Officieel heet dit een grote herstructurering die de productkwaliteit en winstgevendheid moet verbeteren, terwijl de complexiteit van productie en bedrijfsvoering omlaag gaat. In gewoon Nederlands: er zijn te veel modellen die te weinig verdienen, en de rekenmeesters hebben genoeg gezien.
Waarom China de doorslag geeft
Snap dit goed: China was jarenlang de geldmachine van Volkswagen. Daar verdiende het concern het geld dat het thuis met bakken tegelijk uitgaf. Nu pakken Chinese fabrikanten als BYD in eigen land het ene marktaandeel na het andere af, en staat Volkswagen ineens met lege handen.
Tegelijk zijn de fabrieken in Duitsland duur. Hoge lonen, hoge energiekosten, hoge overhead. Voeg daar de heffingsmuren aan toe die de export lastig maken, en je hebt een concern dat aan alle kanten klem zit. De helft van de modellen schrappen is dan geen ambitie, het is paniekvoetbal met een spreadsheet.
Interessant is wat topman Oliver Blume erover zegt. Hij denkt dat de geplande besparingen haalbaar zijn zonder fabrieken te sluiten. Er zouden andere manieren zijn om de kosten omlaag te krijgen. Klinkt geruststellend, tot je de kleine lettertjes leest.
Fabrieken die tegenspreken wat de baas zegt
Want terwijl Blume in het openbaar de fabrieken beschermt, kijkt de raad van bestuur intern naar de langetermijntoekomst van twee extra fabrieken in Oost-Europa. Volgens berichten is de herstructurering fors ingrijpender dan wat er tot nu toe publiekelijk is verteld. Dat is een verschil dat je niet zomaar wegpoetst.
Ondertussen loopt de machtsstrijd tussen Blume en de werknemersvertegenwoordigers verder op. En dat is precies het schouwspel dat elke grote reorganisatie begeleidt: de baas die zegt dat het meevalt, de vakbond die weet dat het niet meevalt, en ergens daartussen een lijst met modellen en fabrieken die niemand officieel wil bevestigen.
De ingreep raakt ook de rest van de wereld. In Noord-Amerika verdwijnt de Jetta als sedan. In China is Jetta juist als apart merk neergezet, los van het hoofdmerk VW. Er komt zelfs een nieuwe Jetta aan die verdacht veel weg heeft van een Tesla Model 3. Dat zegt genoeg over de richting: kopieer wat werkt, schrap wat niet verdient.
Wat dit voor jou als koper betekent
Voor de liefhebber is dit slecht nieuws. Minder modellen betekent minder keuze, minder eigenzinnige uitvoeringen en minder van die nichewagens waar niemand rijk van werd maar die het merk wel karakter gaven. De Porsche Taycan die mogelijk sneuvelt is daar een pijnlijk voorbeeld van. Dat was de elektrische sportwagen die liet zien dat Porsche de toekomst serieus nam. Nu staat hij op een lijst.
Voor de gewone automobilist en de zakelijke rijder is het beeld genuanceerder. Minder modellen kan betekenen dat de overgebleven auto's beter gebouwd en scherper geprijsd worden, want dat is precies wat Volkswagen belooft. Belooft. Of dat ook gebeurt, moet nog blijken, en beloftes van een concern in crisismodus neem je met een korrel zout.
Wat er echt aan de hand is: Volkswagen was jarenlang het bedrijf dat alles voor iedereen wilde zijn, met een model voor elke denkbare smaak. Dat model, letterlijk en figuurlijk, is stuk. De grote inkrimping is het einde van het tijdperk waarin Volkswagen dacht dat groot altijd goed was. Wat overblijft is een slanker, harder concern dat kiest voor winst boven volume. En dat is misschien wel het eerlijkste wat Wolfsburg in jaren heeft gedaan.